Max van der Horst over zijn behandeltraject bij Hand & Pols Centrum Arnhem
Toen Max van der Horst (29) bij Hand & Pols Centrum Arnhem terechtkwam, was hij lichamelijk én mentaal volledig vastgelopen. De technisch tekenaar, geboren met een derde duim en al jarenlang bekend met handproblemen en operaties, kampte na zijn laatste operatie met hevige pijn, krachtverlies en uitputting. “Mijn handen waren eigenlijk niet meer goed bruikbaar,” vertelt hij. Wat volgde was een intensief multidisciplinair behandeltraject.
Max werd geboren met een derde duim en is daarnaast hypermobiel in zijn handen en polsen. Op vijftien maanden leeftijd werd de extra duim verwijderd. Later volgden nog twee operaties aan zijn hand. “Als kind kon ik eigenlijk alles doen wat andere kinderen ook deden,” vertelt hij. “Maar er zat altijd een grens aan. Een bal tegen mijn hand of ergens achter blijven haken kon enorme pijn veroorzaken.”
Na zijn laatste operatie leek het aanvankelijk beter te gaan, totdat hij maanden later plotseling terugviel. “Ik had geen kracht meer in mijn handen, kreeg intense pijnscheuten en eigenlijk waren mijn handen niet meer goed bruikbaar.” Via zijn chirurg kwam hij uiteindelijk terecht bij het Hand & Pols Centrum. “Gelukkig kon ik daar vrijwel meteen beginnen.”
“Voor het eerst zei ik: ik heb hulp nodig”
Tijdens het eerste gesprek met ergotherapeut Inge en fysiotherapeut Bob brak er iets open. “Ik denk dat het nog geen kwartier duurde voordat ik emotioneel werd. Voor het eerst in mijn leven zei ik hardop: ik heb hulp nodig.”
Hij was op dat moment niet alleen lichamelijk uitgeput, maar ook mentaal volledig overbelast geraakt. “Ik wilde altijd alles zelf doen. Dus je blijft doorgaan, totdat je op een punt komt waarop alles instort.”
Vanaf dat moment werd duidelijk dat zijn klachten om meer vroegen dan alleen fysieke behandeling. Binnen het Hand & Pols Centrum werd daarom een multidisciplinair traject ingezet, waarbij fysiotherapeuten, ergotherapeuten en een psycholoog nauw met elkaar samenwerkten.
“Ineens gebeurde er iets. Het voelde alsof ik twee complete handen had. Dat moment raakte me enorm. Ik barstte in tranen uit.”
Meer dan een behandeling
Met fysiotherapeut Bob werkte Max aan krachtopbouw en belastbaarheid van zijn handen. “We deden metingen, oefeningen en bekeken steeds hoe ver ik vooruitging. Gelukkig zag ik redelijk snel verbetering.”
Via ergotherapeut Inge ontdekte hij hoeveel impact zijn handklachten eigenlijk hadden op zijn dagelijks leven. “Pas toen ik erover ging praten, vielen ineens allerlei puzzelstukjes op hun plek.”
Omdat Inge en Bob zagen dat alles een enorme mentale impact had, werd de hulp ingeroepen van Mathilde, de psycholoog. “Ik zat er gewoon helemaal doorheen,” vertelt Max openhartig.
Tijdens de gesprekken kwam naar voren hoeveel spanning, pijnervaringen en mentale belasting zich in de loop der jaren hadden opgebouwd. De psycholoog zette onder andere EMDR-therapie in om specifieke pijnherinneringen en angstreacties te behandelen.
“Soms dacht mijn brein dat er pijn moest zijn, terwijl die er eigenlijk niet was. Of juist andersom. Daar hebben we met EMDR aan gewerkt.”
Ook spiegeltherapie, begeleid vanuit de ergotherapie, maakte indruk op hem. Daarbij kijken patiënten via een spiegel naar het spiegelbeeld van hun handen, waardoor de hersenen opnieuw leren omgaan met het lichaamsbeeld en pijnprikkels.
“In het begin dacht ik echt: waar ben ik nu mee bezig? Maar ineens gebeurde er iets. Het voelde alsof ik twee complete handen had. Dat moment raakte me enorm. Ik barstte in tranen uit.”
“Ik voelde me voor het eerst echt gezien”
Wat Max misschien nog wel het meest raakte, was de betrokkenheid van het behandelteam. “Er werd geen haast gemaakt. Er werd naar alles geluisterd, hoe onbelangrijk het misschien ook was. Ik werd daar echt als mens behandeld. Dat had ik in de zorg niet eerder zo meegemaakt.”
Over Inge en Bob is hij kort maar krachtig: “Geweldige mensen en uiterst professionele zorgverleners.” Over psycholoog Mathilde heeft hij eveneens lovende woorden. “Toen duidelijk werd dat ik psychisch vastliep, zorgde zij ervoor dat ik via de huisarts snel werd doorverwezen naar een vervolgtraject. Zij heeft zelf contact opgenomen met de praktijkondersteuner van mijn huisarts en aangegeven dat ik snel hulp nodig had. Daardoor kwam alles in een stroomversnelling.”
Voor Max maakte juist die samenwerking tussen verschillende disciplines het verschil. “Ze konden precies de juiste hulp inschakelen en de juiste taal spreken. Daardoor ging alles veel soepeler dan wanneer ik het zelf had moeten regelen.”
Levensveranderend
Inmiddels is Max alweer langere tijd klaar met zijn behandeling. Hij werkt weer, heeft geleerd beter met zijn lichaam om te gaan en kijkt met trots terug op zijn ontwikkeling.
“Ik ben niet pijnvrij. Maar ik kan het nu accepteren. Ik heb geleerd beter voor mezelf te zorgen, mezelf rust te gunnen en niet altijd maar door te blijven gaan.”
Daarnaast leerde hij tijdens het traject iets waar hij eerder moeite mee had: zelfdiscipline. “Voor mijn huishouden, mijn werk en eigenlijk voor alles in het leven,” vertelt hij. Ook zelfacceptatie speelde daarin een grote rol. “Ik heb geleerd minder te piekeren en beter naar mezelf te luisteren.”
Als hem gevraagd wordt zijn ervaring bij het HPC samen te vatten, hoeft hij niet lang na te denken.
“In één woord? Levensveranderend.”







